Immuunsysteem en darm

Als de darm niet goed werkt kan het hele lichaam ontregeld worden. Veel medicijnen en antibiotica beschadigen bijvoorbeeld de darmflora, door stress verminderd de doorbloeding van maag en darm, waardoor er te weinig maagzuur en enzymen aanwezig zijn. Een eenzijdig eetpatroon werkt het ontstaan van een sterke darmflora tegen en als het voedsel niet goed wordt gekauwd kan het niet voldoende worden verteerd.

Het voedsel in de maag wordt door maagzuur en enzymen verteerd. Het enzym pepsine zorgt er bijvoorbeeld voor dat grote eiwitten in kleinere stukjes geknipt worden die dan in de darm beter afgebroken kunnen worden.

Via de twaalfvingerige darm (duodenum) wordt het voedsel verder verkleind door sappen uit de alvleesklier (pancreas) en de galblaas. Deze zorgen met name voor het afbreken van vet in kleinere deeltjes. Het pancreas sap is basisch (de tegenhanger van zuur).

Door dat verschil van zuur en basisch gaan de meeste schadelijke bacteriën in de darm dood.

In de darm wordt het voedsel in heel kleine deeltjes afgebroken die door de cellen van het darmslijmvlies opgenomen kunnen worden. Deze taak wordt door darmbacteriën uitgevoerd.

In een gezonde darmflora heerst er een evenwicht tussen bacteriën die ontgiften, verteren, voor voeding voor het lichaam zorgen en het immuunsysteem rustig houden.

Ons immuunsysteem herkent bacteriën die het moet bestrijden en die nuttig voor ons zijn. Daarom leeft ca. 80% van ons immuunsysteem in de darm.

De binnenkant van de darm is bekleed met slijmvlies. Wordt er in de darm een bacterie of virus herkent als schadelijk, gaat deze informatie via de immuuncellen door naar andere slijmvliezen.

Als het in de darm fout gaat doordat er te weinig goede en teveel verkeerde bacteriën leven, ontstaan er op de ander slijmvliezen problemen: allergieën (long, neus, bijholtes), blaasontsteking, gewrichtspijnen en eczeem. Het immuunsysteem reageert te veel en niet meer zoals het hoort.

Als de werking van het darm immuunsysteem verbeterd wordt, zie je vaak dat ook deze klachten verbeteren.

Sommige voedselallergieën ontstaan omdat dit bacteriële evenwicht verstoord is en het immuunsysteem alles aanvalt. Als het evenwicht in de darm hersteld is, verdwijnen deze “voedselallergieën”vaak ook weer.

Bij een echte voedselallergie is de darmwand beschadigt geraakt door bepaalde stoffen, zoals saponinen uit peulvruchten en gliadinen uit granen. Hierdoor komen stoffen in de bloedbaan die normaliter niet door de darmwand kunnen komen omdat zij door de poortwachters geweerd worden.

Hetzelfde effect treedt op als het voedsel niet klein genoeg geknipt is om door de bacteriën afgebroken te kunnen worden. Op de grote voedselstukken gaan zich de “verkeerde” bacteriën vastzetten en laten het voedsel rotten, gisten en schimmelen. Hierdoor komen giftige stoffen vrij die de darmwand beschadigen en lekkage veroorzaken.

Immuunreacties zijn het gevolg en klachten zoals vermoeidheid, vaatschade, allergische reacties, gedragsproblemen en depressies kunnen optreden. Bovendien worden vitamines en mineralen niet meer goed opgenomen.